Bij vrijwel elke discussie over veranderingen of nieuwe inzichten in het vreemdetalenonderwijs komen altijd een paar dilemma's ter tafel, waarmee docenten zich (moeten) bezighouden. In deze paragraaf hebben we een paar van die dilemma's trachten te verwoorden en gezocht naar aanknopingspunten, die aanzetten voor mogelijke oplossingen zouden kunnen bieden. We hebben ze in vraagvorm geformuleerd en at random op een rij gezet.
Hoe motiveer ik de leerling om met taken aan de slag te gaan?
Zowel de TalenQuests als de TABASCO-taken gaan ervan uit dat een betekenisvolle, levensechte taak voor de leerling voldoende prikkels biedt om een taak uit te voeren. Anders gezegd, er moet een goede reden zijn voor de leerling om aan de taak te beginnen. Zaken die dit kunnen bewerkstelligen zijn bijvoorbeeld:
Om de motivatie van de leerling vast te houden dan wel te vergroten is het van belang dat hij/zij regelmatig een succesbeleving heeft. In een uitleg over belangrijke regels voor het ontwerpen van onderwijsmateriaal schrijft Bimmel (2006) dat 'succes behoort tot de factoren die bepalend zijn voor de initiële motivatie van de leerlingen. Het gaat dan om de verwachting die de leerling heeft dat hij/zij een leertaak met succes kan uitvoeren'. Wie niet de verwachting heeft dat een taak succesvol kan worden uitgevoerd, zal er niet zo gemakkelijk aan beginnen. Goed uitgebalanceerde taken zijn daarom van belang: uitdagend, maar ook haalbaar. Daarbij is het tevens van belang dat de voortgang in het werk af en toe wordt onderbroken om feedback te kunnen geven/krijgen op halfproducten.
Wat is de rol van grammatica en idioom?
Deze ondersteunende vakonderdelen zullen ook in een taakgerichte benadering een belangrijke rol spelen. In beide beschreven voorbeelden van een taakgerichte benadering is sprake van aandacht voor de formele kant van taalverwerving. Focus on Form is een van de vijf componenten van de schijf van vijf van Westhoff (2002, zie hierboven). Ook in het TABASCO-concept komt Focus on Form expliciet aan de orde. Om dit aan de orde te stellen worden ruwweg twee modellen onderscheiden:
Het PPP-model. Dit staat voor Presentation (van de regel), Practice (het oefenen van de regel) en Production (de uiteindelijke talige productie). Het proces verloopt binnen dit model van 'accuracy' (trefzekerheid, accuratesse) naar 'fluency' (vloeiendheid).
Het Focus on Form-model. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat het taalverwervingsproces van 'fluency' naar 'accuracy' verloopt. Dit model past bij de niveau-indeling van het ERK, waar op de lagere niveaus de mate van foutentolerantie tamelijk groot is. Maar buiten dat zijn de niveaus in competenties beschreven, met andere woorden, het primaat ligt in het begin bij de inhoud en de boodschap. Overigens gaat ook dit model uit van aandacht voor correct taalgebruik vanaf het begin en richt het zich daarbij met name op het geven van corrigerende feedback.
Doeltaal voertaal?
Op het belang van het gebruik van de doeltaal kan niet genoeg worden gewezen. In veel gevallen zal de confrontatie van de leerling met de in interactieve situaties gebruikte doeltaal relatief gering zijn. De school of de docent kan de blootstelling aan de doeltaal stimuleren door projecten op te zetten zoals uitwisselingen of correspondentieprojecten met een buitenlandse school, buitenlandse reizen e.d. Toch zal het consequente gebruik van de doeltaal door de docent in meerdere opzichten waarschijnlijk meer zoden aan de dijk zetten (frequente confrontatie met de taal, leerling wordt op niveau aangesproken, corrigerende feedback). Ook het gebruik van de doeltaal bij het verstrekken van opdrachten is zeer aan te raden. Leerlingen zullen er snel aan wennen en het binnen korte tijd volstrekt normaal gaan vinden.
Een belangrijk element bij het geven van corrigerende feedback is het gebruik van de doeltaal als voertaal in de klas. Door het goede voorbeeld te geven, of door een door de leerling gegeven antwoord in de juiste vorm te herhalen krijgt de leerling voortdurend de mogelijkheid de eigen uitingen te vergelijken en zich bewust te worden van de vorm waarin iets gezegd moet worden. Het TABASCO-concept spreekt nadrukkelijk van de inzet van native speakers (wat overigens niet altijd voor elke school mogelijk zal zijn).
Wat kan ik als docent nog meer doen?